De reactie van TRAXIO op het mobiliteitsbudget: “Rentabiliteit en jobs in gevaar”

mise-a-jour-logicielle-boschOok TRAXIO, de federatie van de autosector en de aanverwante sectoren, heeft haar mening de wereld ingestuurd betreffende het ‘mobiliteitsbudget’ dat de regering momenteel op tafel heeft gegooid.
“Het blijft wachten op de concrete uitwerking van verschillende beslissingen in de begroting en de hervormingen in de rand ervan, maar een aantal concrete, aangekondigde  beslissingen worden door de autohandel en -reparatie  met enige bezorgdheid benaderd.
Voor TRAXIO als sectorale werkgeversfederatie en vertegenwoordiger in zowel het paritair comité voor de garagebedrijven, de koetswerkbedrijven en de metaalhandel, zijn wij bang van de arbeidsmarktontwikkeling binnen de autohandel en -reparatie en haar aanverwante sectoren.

Rentabiliteit

Het spreekt voor zich dat de economische en sociale realiteit achter de bedrijfswagens bij de vele garagebedrijven ligt. Het werd in de pers al aangehaald dat de autoverdelers van de premiummerken vanaf volgend jaar de mogelijke verkoopdaling of afname van leasewagens naar rato van ongeveer 25 % (percentage van wie kiest voor ‘nettoloon’ in de plaats van een bedrijfswagen of andere mobiliteitsoplossingen) dit rechtstreeks zullen voelen in hun omzet (ongeveer -10 %) en verdere rentabiliteitsdaling die al niet rooskleurig is.

Tewerkstelling

Op termijn kan het ook de tewerkstelling in onze kmo’s aantasten (garagesector met aanverwanten is in België de derde kmo-sector na de bouw en de horeca – het gaat om een kleine 90.000 werknemers).De mogelijkheid laten om te kiezen voor puur ‘nettoloon’ i.p.v. een alternatief samengesteld mobiliteitsbudget, maakt dat de creatieve mobiliteitsinvulling (kleinere bedrijfswagen, E-fiets, scooter, autodelen, enz.) geremd zal worden en deels niet echt sturend zal werken in de mobiliteitskeuze van de werknemers die voor ‘nettoloon’ kiezen.
Kiezen als werknemer voor een volledige vervanging van de bedrijfswagen door een ‘nettoloon’ (fiscaal vrij) om vervolgens zijn mobiliteit in te vullen met een oude, goedkope vervuilende occasiewagen of scooter is maatschappelijk en vooral in het kader van het milieu (emissies) niet bepaald bevorderlijk, maar riskeert wel de uitkomst te zijn voor wie om puur opportunistische redenen deze oplossing zou kiezen.

En de directiewagens?

Juridisch-technisch blijft er ook de vraag hoe dit specifiek vertaald zal moeten worden naar ‘autoverkopers’ in de garagebedrijven die regelmatig beroepshalve van directiewagen wisselen en voor wie de keuze voor ‘nettoloon’ niet direct een optie is. De sector zal via TRAXIO te gepasten tijde de discussie hieromtrent aangaan met de bevoegde instanties.

Gaat men de ‘laadkaart’ voor EV’s fiscaal ook belasten of niet?

De voorziene taxatie van de tankkaart bij de bedrijfswagen vanwege de werkgevers los van de hervorming van de vennootschapsbelasting (maar wel inclusief verhoging roerende voorheffing) zal voor veel kmo’s met een voertuigenvloot overkomen als een platte belastingverhoging, die weinig zal bijdragen tot een verdere sturing van het brandstofverbruik per werknemer of bedrijven doen kiezen voor alternatieve aandrijvingen (elektrisch, CNG of waterstof) waarop de gewesten aandringen. Gaat men de ‘laadkaart’ voor EV’s fiscaal ook belasten of niet?

De aangekondigde hervormingen zoals de verlaging van de vennootschapsbelasting en de herziening van de aftrekbaarheid van autokosten (nog grotere koppeling aan milieuparameters zoals CO2) worden vooruitgeschoven in de tijd, maar blijven voor TRAXIO belangrijke werven waar hopelijk in overleg met de sector tot economisch en maatschappelijk evenwichtige oplossingen kunnen gevonden worden.

Wendbaar en werkbaar werk

Wat wendbaar en werkbaar werk betreft, waarmee de regering de arbeidsmarkt wil moderniseren, lijken de grootste obstakels voor de werkgevers verwijderd te zijn. Maar voor de kmo-bedrijven in de garagesector en aanverwante sectoren blijft het aspect van de opleidingsinspanningen een moeilijk punt: de druk zal blijven om in navolging van het interprofessioneel niveau op sectoraal niveau ook tot 5 dagen te gaan als compensatie voor invoering van verdere flexibilisering van het werk.

Bij ontstentenis van een sectorale cao zou er 2 dagen recht zijn op ondernemingsniveau. TRAXIO zal als werkgeversorganisatie bij het komende sectoraal overleg in 2017 voor haar bedrijven die hunkeren naar flexibelere werkregelingen (bandencentrales, depannagediensten, landbouwmechanisatiebedrijven, machineverkoop en –onderhoud, fiets- en motorzaken, vrachtwagengarages, …) proberen om de voordelen uit de regeling wendbaar en werkbaar werk sectoraal maximaal te valoriseren voor haar werkgevers.

TRAXIO vraagt als sectororganisatie aan de regering om snel werk te maken van een evenwichtige hervorming en verlaging van de vennootschapsbelasting met oog voor starters en kmo-bedrijven die verder investeren in de groei van hun bedrijf en de lokale verankering.”