Een mobiliteitsbudget van (of voor) “den Aldi”

Terwijl alle leasingmaatschappijen de vlucht vooruit nemen door zich te profileren als mobility providers, is er dan uiteindelijk toch het nieuws dat er geen mobiliteitsbudget komt. Tenminste: Minister van Financiën Johan Van Overtveldt blijft wel halsstarrig dat woord gebruiken maar het kneusje dat maanden van overleg gebaard heeft, luistert naar de naam cash for car … en heeft niets vandoen met mobiliteit. De retoriek past in een politiek correct verhaal dat de gemoederen moet bedaren. Want de bedrijfswagen, die ligt al jarenlang onder vuur in bepaalde kringen. U kent ze wel: de jaloeziemensen die moord en brand schreeuwen omdat de bedrijfswagen zoveel kost aan de maatschappij en files veroorzaakt. Have I got news for you.

De bedrijfswagen is inderdaad een compensatie-instrument voor de torenhoge fiscale druk op arbeid. Maar het een fiscaal cadeau noemen, is dan weer een stap te ver. Tenslotte betalen bedrijven een CO2-bijdrage en werknemers Voordeel Alle Aard voor het privégebruik. Samen met alle andere fiscale inkomsten (BTW, accijnzen, …) levert dat jaarlijks vlot 4 à 5 miljard euro op voor de schatkist. En wat met de duizenden jobs bij invoerders, concessiehouders, leasingmaatschappijen, verzekeringsmaatschappijen, pechverhelpers, …? Ook allemaal economische activiteiten die geld in het laatje brengen voor vadertje Staat. Ik hoor veel minder kabaal als het gaat over alle andere extralegale voordelen. Zouden de anti-bedrijfswagen roepers bereid zijn om hun ecocheques, maaltijdcheques, pensioenplannen en groepsverzekeringen zonder slag of stoot op te geven? Ik dacht het niet. Daarom is het anti-debat over de bedrijfswagen fundamenteel oneerlijk. Alleen een gigantische tax shift waarbij men met een bulldozer over alle fiscale koterijen gaat, kan soelaas brengen. In die zin is cash for car nog een begrijpelijke zet van de regering. Mensen krijgen gewoon meer geld. Maar opnieuw: met mobiliteit heeft het bitter weinig te maken.

Wat fundamenteel ontbreekt in het debat over de bedrijfswagen en mobiliteit, is het feit dat mensen hun mobiliteit niet zomaar laten sturen door de overheid en dat ze blijven kiezen voor de auto, tout court.

De kern van de zaak

De formules voor de berekening van cash for car zijn ondertussen  bekend (met als referentie de cataloguswaarde) en daaruit blijkt dat je voor een voertuig van 45.000 euro maandelijks ongeveer 400 euro aan “mobiliteitsbudget” uit de brand kan slepen. Het zal me benieuwen wie daarvoor zijn bedrijfswagen laat staan. Aankoopprijs, belastingen allerhande, verzekeringen, onderhoud, tanken, … Zelfs als je linea recta naar de tweedehandsdealer holt, is dat nog altijd een bedrag waar ik niet vrolijk van zou worden. Dan nog liever naar den Aldi met dat geld om mijn winkelkarretje vier keer per maand vol te gooien. Allicht met een fiets vol met winkeltassen. Dat zal budgettair nog net haalbaar zijn.

Wat fundamenteel ontbreekt in het debat over de bedrijfswagen en mobiliteit, is het feit dat mensen hun mobiliteit niet zomaar laten sturen door de overheid en dat ze blijven kiezen voor de auto, tout court. De auto is voor de meeste mensen een noodzaak om zich te verplaatsen. Er is inderdaad een percentage dat zijn heil vindt in alternatieven en voor die groep was een echt mobiliteitsbudget welkom geweest. Een gemiste kans dus maar fundamenteel zal deze maatregel geen zoden aan de dijk brengen. En als we heel eerlijk zijn: zelfs een volwaardig mobiliteitsbudget zou naar mijn bescheiden mening niet voor een aardverschuiving gezorgd hebben in het verplaatsingsgedrag van mensen. Daarvoor zijn we gewoon té gehecht aan het comfort van de auto: instappen en wegwezen, daar kan geen openbaar vervoer tegenop.Wat deze regering met cash for car probeert te bereiken is me een raadsel. Het heeft alles weg van een showmove, een mooie dribbel voor de tribune maar de weg naar het doel vinden ze niet. Wie toch ingaat op cash for car en trouw blijft aan de vierwieler zal nog steeds in de file staan. Maar dan wellicht in een vervuilende tweedehandswagen. Als Johan Van Overtveldt op VTM verklaart dat het hem zou verbazen moesten mensen niet voor cash for car kiezen, dan leeft hij toch in een alternatief universum. Dat is een typisch symptoom van politieke correctheid: vervreemding van wat er écht leeft bij de mensen.