Voldoet u aan het profiel van de telewerker?

17% van alle werknemers werkt momenteel minstens 1 dag per week op een locatie buiten het kantoor. Dit komt overeen met 5% minder woon-werkverkeer. Deze cijfers komen voor in een studie van de FOD Mobiliteit en Vervoer bij 2.000 Belgen. Het is voor het eerst dat een dergelijke studie werd uitgevoerd.

Eén werknemer op drie kiest voor telewerk als de afstand tussen de woonplaats en het werk meer dan 50 km bedraagt. Voor een afstand tussen 30 en 50 km, daalt dit resultaat tot één op vier. Op die manier komt de FOD Mobiliteit tot de volgende extrapolatie: 7% van het totale aantal afgelegde kilometers kan vermeden worden door telewerk.

Momenteel zijn er drie werknemers op tien die voor telewerk zouden kiezen, mocht dit toegestaan worden door hun werkgever. Dit zou het potentieel aan telewerkers op 42% brengen, goed voor een potentiële daling van 16,5% van het aantal afgelegde kilometers (met één dag telewerk per week). Dit komt overeen met maar liefst 23 miljoen kilometers minder per dag.

In deze bijdrage ontdekt u het typeprofiel van een telewerker, zoals opgemaakt door de FOD Mobiliteit.

1. Man of vrouw?

16,3% van de bevraagde mannen doet aan telewerk, t.o.v. 17,6% van de vrouwen. Telewerk is met andere worden niet geslachtsgebonden…

2. U bent tussen 35 en 49 jaar…

Er werd ook gepeild naar de leeftijd van de telewerkers. Het grootste aantal (17,9%) is tussen 35 en 49 jaar oud, gevolgd door de categorie van 18 tot 34 jaar (16,8%). Bij de 50-plussers ligt het percentage op 15,7%.

3. U bent Brusselaar of Waal…

21% van de werknemers uit Brussel en 20% Waalse werknemers werken op een andere locatie dan het kantoor. De Vlamingen scoren iets lager (15%).

4. Heeft u een diploma hoger onderwijs?

Het opleidingsniveau lijkt een impact te hebben op de frequentie van telewerk. De houders van een diploma hoger onderwijs zijn goed voor 22% van de totale ‘telewerkpopulatie’. De personen met een diploma secundair onderwijs zijn een stuk minder vertegenwoordigd: 12,5%.

“Het ligt voor de hand dat het opleidingsniveau en de functie die men uitoefent, of de sector waarin met tewerkgesteld is, variabelen zijn die sterk verbonden zijn met elkaar”, aldus de studie van de FOD Mobiliteit.

5. Bent u actief in de krediet- en verzekeringssector?

De sector waarin men tewerkgesteld is, heeft een grote invloed op het al dan niet aan telewerk doen.

Uit de cijfers blijkt dat de krediet- en verzekeringssector een voortrekkersrol speelt in het telewerkverhaal. Bijna 31% van de werknemers werkt buiten de klassieke kantooromgeving. Telewerk is ook zeer in trek bij overheidsdiensten en in het onderwijs (22%), en ook in bij “andere diensten” (20,5%). Onder “andere diensten” denken we onder meer aan de volgende sectoren: communicatie, immobiliën, vrije beroepen, administratieve en ondersteunende diensten.

In andere sectoren zien we een heel ander verhaal, wat gelet op die specifieke sector niet bepaald onlogisch is. Het betreft de werknemers die tewerkgesteld zijn in de groot- en kleinhandel, en ook in de Horeca. Amper 5% van de ondervraagden die in deze sector tewerkgesteld zijn, doen aan telewerk. Verder is er nog de industriële sector met bijna 8% aan telewerk en de gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening met 9% telewerkers. .

6. Heeft u een kaderfunctie of bent u ambtenaar?

In het onderzoek werden de telewerkers ook ondervraagd over de functie die wordt uitgeoefend. De FOD stelt vast dat de werknemers die in het midden- of hoger kader werken sterk vertegenwoordigd zijn (27,7%).

We gaven eerder al aan dat de overheidsdiensten heel wat telewerkers in dienst hebben. Het ligt dan ook voor de hand dat ambtenaren de koplopers zijn op het vlak van telewerk (25,7%). Ze worden gevolgd door zelfstandigen of zaakvoerders, die samen goed zijn voor 21%.

Bij dergelijke functies kan men vaak zelf beslissen over de eigen agenda of is men zijn eigen baas. In deze situaties wordt voor telewerk gekozen van zodra het type werk dit toelaat. Deze functiecategorie bevat zowel zaakvoerders/zelfstandigen met of zonder personeel als handelaars en vrije beroepen.

7. Bent u werkzaam in een grote onderneming?

De omvang van de onderneming speelt een belangrijke rol bij telewerk.

In micro-ondernemingen, waar men hoogstens 10 werknemers heeft, doet 12% van de werknemers aan telewerk.

In kleine ondernemingen, waarin 11 tot 50 personeelsleden tewerkgesteld zijn, ligt het percentage aan telewerkers op 13,7%.

Middelgrote ondernemingen, met 51 tot 250 werknemers, doen het bij wijze van spreken nog beter. 16% van de personeelsleden is nu en dan aan het werk buiten de kantooromgeving.

Indien u tewerkgesteld bent in een grote onderneming, waar u meer dan 250 collega’s heeft, heeft u veel kans om te kunnen telewerken. Het percentage ligt er immers op 19,4%.

In grote bedrijven beschikt men doorgaans over een ICT-afdeling met een bedrijfsnetwerk en heeft men de middelen om op HR-gebied (welzijn van werknemers, juridisch, management, …) een beleid uit te werken rond telewerk. Grote bedrijven situeren zich eerder in Brussel dan KMO’s, wat ook zeker een factor is om dit verschil te verklaren..

8. Hoe groter het inkomen van het gezin…

Sommige vragen hadden betrekking op het netto gezinsinkomen (inkomsten uit beroepsdoeleinden, uitkeringen, premies, huurinkomsten, enz.).

17% van de deelnemers aan de enquête hebben ervoor gekozen om niet te antwoorden op deze vraag. Ze werden dan ook niet opgenomen in het vervolg van de analyse.

Er bestaat evenwel een duidelijk verband tussen de hoogte van het gezinsinkomen en de kans om aan telewerk te doen. 24,5% van de werknemers met een netto gezinsinkomen van 4.000 euro en meer, doet aan een of andere vorm van telewerk.