WLTP, fietsen, medeverantwoordelijkheid, alcolock…: alles wat de regering mogelijk in petto heeft voor 2018

Met de eindejaarsrush in het vooruitzicht, heeft de Ministerraad de laatste weken tal van beslissingen genomen die vroeg of laat een impact kunnen hebben op de mobiliteit van de werknemers en de voordelen waarvoor ze in aanmerking komen.

In deze bijdrage komen we niet meer terug op de beslissingen rond de fiscaliteit van bedrijfswagens, die vanaf 2020 van toepassing worden. Deze maatregelen kwamen reeds eerder uitgebreid aan bod.

Picture: Pexels.com

Mobiliteitsvergoeding

Ondanks een negatief advies van de Raad van State, lijkt de federale regering vastberaden om de mobiliteitsvergoeding (cash for car) door te duwen. Binnenkort gaat een werkgroep van start (onder leiding van het kabinet van Eerste Minister Charles Michel) om zich te buigen over het mobiliteitsbudget zoals het door de sociale partners werd uitgewerkt.

Picture: Emissions Analytics

WLTP

De Minister van Financiën, Johan Van Overtveldt, werd ermee belast om in de loop van 2018, een overgangsregime uit te werken rond CO2-autofiscaliteit in het kader van de overgang van de NEDC-waarden naar de WLTP-normen, die sinds 1 september 2017 van kracht zijn (met overgangsperiode).

We weten nu al dat deze nieuwe WLTP-norm gepaard zal gaan met een verhoging van de verbruikswaarden (en dus ook de CO2-uitstoot) van de voertuigen…

Fietsen/speedpedelecs

De Ministerraad heeft twee ontwerpen van Koninklijk Besluit goedgekeurd m.b.t. een aantal voordelen die door de werkgever kunnen verleend worden. Hierbij gaat het onder meer over fietsvergoedingen of de voordelen voor het gebruik van PC, smartphone of tablet.

Het doel van het eerste wetsvoorstel is om het fietsgebruik aan te moedigen voor de woon-werkverplaatsingen. Hierbij voorziet de regering in:

  • Een fietsvergoeding voor fietsen met trapondersteuning tot 45 km/h;
  • Het ter beschikking stellen van een fiets en toebehoren, inclusief onderhouds- en stallingskosten.

Bovenstaande voordelen zullen voortaan vrij zijn van sociale bijdragen.

Picture : Pexels.com

Mobiele toestellen

Rekening houdend met de lagere kosten, speelt het tweede wetsvoorstel in op een verlaging van het voordeel voor het gebruik van pc’s, tablets of smartphones, die door de werkgever gratis ter beschikking worden gesteld.

Vanaf 1 januari 2018 zal de waardering van het voordeel forfaitair worden vastgelegd op:

  • 72 euro per jaar voor een vaste pc of laptop;
  • 36 euro per jaar voor een tablet of mobiele telefoon;
  • 60 euro per jaar voor een internetaansluiting, los van het aantal toestellen dat hierop wordt aangesloten.
  • Deze wetsvoorstellen zijn ter advies voorgelegd bij de Raad van State.
Picture: Pexels.com

Aansprakelijkheden

Tegen medio 2018 is de regering van plan om de ketenaansprakelijkheid (t.a.v. de houder van de nummerplaat) voor rechtspersonen in te voeren. Deze maatregel zou ingevoerd worden voor overtredingen van de eerste of tweede graad en voor sommige snelheidsovertredingen. Ze zouden bedrijven en/of leasingmaatschappijen kunnen dwingen om de boetes voor dergelijke overtredingen te betalen.

In het geval dat de gebruikelijke bestuurder gekend is bij de DIV, zou deze bestuurder zelf moeten opdraaien voor de boete. Dit zou meer bedrijven moeten aansporen om gebruik te maken van het FMS-systeem (Fines Management System), dat in 2015 door Renta Solutions in het leven werd geroepen.

Picture: Pexels.com

Alcolock 

Bij een veroordeling voor alcoholgebruik van meer dan 1,8 promille, zal de rechter beslissen om een alcolock te laten installeren in het voertuig. Ook deze maatregel zou tegen medio 2018 in voege treden.

In dergelijke gevallen is het de vraag welke impact dit zal hebben op bedrijfswagens, en dan meer bepaald op leasingvoertuigen. De sector van de leasingmaatschappijen lijkt niet gekant tegen deze maatregel, op voorwaarde dat:

  1. De kosten voor het in- en uitbouwen van het toestel (op het einde van het contract) gedragen worden door de bestuurder of de huurder.
  2. Er geen enkele zichtbare schade mag zijn, als gevolg van de installatie, op het einde van het contract.