BTW en bedrijfswagens : tegemoetkoming voor de aftrekbaarheid in 2020

Tijdens een recente vraag-en-antwoordsessie tussen de volksvertegenwoordigers en minister van Financiën Vincent Van Peteghem, stemde deze laatste ermee in om enige clementie te betrachten door bepaalde regels met betrekking tot de aftrek van btw op bedrijfswagens voor 2020 te versoepelen.

Déduction TVA voitures de société

Ter herinnering: de algemene regels

In de omzendbrief 36/2015 van 23 november 2015 worden drie methoden beschreven om het btw-aftrekpercentage voor bedrijfswagens te bepalen.

1.Werkelijk professioneel gebruik

Deze methode bestaat uit het registreren van de daadwerkelijke kilometers van elke auto afzonderlijk. De privékilometers en de woon-werkafstanden worden van deze gegevens afgetrokken.

De BTW-aftrek zal dus gelijk zijn aan 100% – het percentage privékilometers.

Dit percentage privékilometers wordt verkregen door de verhouding tussen het aantal privékilometers en het totaal aantal gereden kilometers.

Let op: de BTW-aftrek kan nooit meer dan 50% bedragen (behalve voor lichte bedrijfsvoertuigen). Dit is zelfs het geval als het professionele gebruik van de auto hoger is dan 50%.

Deze methode is administratief te beperkend en wordt in feite slechts zelden gebruikt.

2. Semi-forfaitaire methode

De fiscus stelt het aantal woon-werkritten vast op een vast tarief van 200 en het aantal privékilometers op 6.000 km.

Net als bij de eerste methode zal de btw-aftrek hier dus gelijk zijn aan 100% – het percentage privékilometers.

Dit percentage privékilometers wordt als volgt berekend:

[(woon-werkverkeer heen & terug x 200) + 6.000 km] / totaal afgelegde km

De eerste twee methoden kunnen binnen de vloot worden gecombineerd.

3. Forfaitaire methode

De aftrek is beperkt tot 35%. Bedrijven die deze methode gebruiken, moeten deze toepassen op alle auto’s in hun wagenpark. De auto’s moeten te allen tijde door dezelfde chauffeurs worden bestuurd. Indien voor deze methode wordt gekozen, moet deze ten minste vier jaar worden gebruikt.

(Her)lees:

Bedrijfswagens: alles over de fiscaliteit in 2021

Welke tegemoetkoming?

Naar aanleiding van een parlementaire vraag in de Commissie Financiën stemde de minister van Financiën, Vincent Van Peteghem, in met een versoepeling. Tenminste, voor werkgevers die tot nu toe gebruik maakten van de semi-forfaitaire methode. Deze tegemoetkoming geldt (vooralsnog) alleen voor 2020.

Deze methode bepaalt namelijk het aantal woon-werktrajecten tegen een vast tarief van 200 per jaar. In 2020 hebben lockdowns, verplicht telewerken en/of tijdelijke werkloosheid echter geleid tot een drastische vermindering van het aantal ritten naar het werk en van het aantal zuiver professionele ritten. Hierdoor wordt ook de aftrek van de BTW drastisch verminderd.

“Dit forfaitaire bedrag van 200 dagen houdt rekening met vakantie, ziekteverlof, telewerkdagen, deeltijds werk, etc.”, aldus de minister. “Ik erken echter dat de omstandigheden van het afgelopen jaar bijzonder zijn geweest. »

En hij voegt eraan toe: “Ik ben bereid om voor het kalenderjaar 2020 belastingplichtigen die gebruik maken van de semi-forfaitare methode toe te staan hun recht op aftrek uit te oefenen op basis van het bestaande forfaitaire tarief van 35%, overeenkomstig methode 3 van de omzendbrief. Vanaf kalenderjaar 2021 zullen deze belastingplichtigen opnieuw de semi-forfaitaire methode kunnen toepassen. De voorwaarden voor de handhaving van de forfaitaire methode voor een periode van vier jaar, met betrekking tot het kalenderjaar 2020, zijn niet langer van toepassing”.

De minister besluit als volgt: “Het zal ook in het kalenderjaar 2020 toegestaan zijn om de methoden 2 en 3 te combineren. De overige voorwaarden met betrekking tot de toepassing van de methoden 2 en 3 blijven van toepassing.

De kerk in het midden houden?

In zijn vraag , had het parlementslid ook voorgesteld om het forfaitaire bedrag voor de 200 woon-werk ritten te verlagen tot 100 of om de formule aan te passen aan het werkelijke aantal gewerkte dagen op de werkplek.

Minister Van Peteghem heeft deze voorstellen terzijde geschoven. “Het naar 100 dagen brengen voor iedereen zou het recht op aftrek vertekenen, aangezien alle belastingplichtigen verschillende situaties hebben meegemaakt. En het afstemmen van de formule op het werkelijke aantal gewerkte dagen op de werkplek zou leiden tot een aanzienlijke toename van het administratieve werk voor de werkgevers, die van geval tot geval het bewijs zouden moeten leveren. »

Minister Van Peteghem probeert dus de kerk in het midden te houden.

#Fleet Management

Schrijf u nu in op FLOW, de wekelijkse e-letter van FLEET.be!

FLEET Dealers FLEET Sector FLEET.TV TCO
Trending