Michaël Xhonneux (Europcar): “We zien de nieuwe mobiliteit als een spel”

Europcar is bij het grote publiek gekend als een klassieke korte termijn verhuurder, met 27 filialen in België en een vloot van 7.500 voertuigen (waarvan 600 bedrijfsvoertuigen). Zonder afbreuk te doen aan de oorspronkelijke specialisatie, is Europcar nochtans meer en meer aan het opschuiven richting nieuwe mobiliteitsvormen. Het geheel wordt in België georkestreerd door een fervente aanhanger van deze nieuwe uitdagingen: Michaël Xhonneux, directeur Sales & Marketing van Europcar Belgium.

De markt van de korte termijn verhuur wemelt van vooral lokale spelers. In welke mate wegen die ‘kleine’ bedrijven op de totale markt?

Door voor een bepaalde aanpak en/of positionering te kiezen, probeert elke verhuurder het verschil te maken. Sommige spelers kiezen voor een specifieke niche, waarin ze het zeer goed doen. Als marktleider is er voor Europcar nog heel wat marktaandeel te winnen.

Hoe zou u de positionering van Europcar dan omschrijven?

Met onze vloot van 6.900 auto’s kunnen we inspelen op verwachtingen, die voor sommige concurrenten niet haalbaar zijn. Als we gecontacteerd worden door een klant die binnen een week 120 gelijkaardige voertuigen nodig heeft voor een periode van vijf maanden, zijn er weinig verhuurders die dit kunnen realiseren. Wij kunnen dit wel. We maken ook het verschil op het vlak van nieuwe mobiliteitsvormen. We investeren aanzienlijke bedragen in nieuwe oplossingen. Hierbij denk ik aan Ubeeqo of aan onze samenwerking met Scooty. Heel binnenkort gaan we trouwens communiceren over een nieuw dienstenaanbod in dit verband.

 

Zo dadelijk komen we terug op die nieuwe mobiliteit. Stelt u ondertussen bepaalde evoluties vast in het gebruik van uw voertuigen?

Onze voertuigen worden gemiddeld negen dagen gehuurd. Dit blijft redelijk stabiel. Er is echter een grotere vraag naar flexibele oplossingen. Veel bedrijven werken in onderaanneming en vaak gaat het om projecten die beperkt zijn in tijd. Die ondernemingen zijn dus eerder geïnteresseerd in variabele formules voor hun vloot, met het risico dat ze iets meer moeten betalen. Ze zien met andere woorden geen nut in het tekenen van contracten voor drie of vier jaar, wanneer het project zelf slechts één jaar duurt en waarbij ze geen zekerheid hebben dat het zal verlengd worden. Het verbreken van een huurovereenkomst van lange termijn, gaat meestal gepaard met een schadevergoeding. Bij ons is dit niet het geval!

Laten we het nu over die nieuwe mobiliteit hebben. Met de overname van Ubeeqo heeft Europcar een duidelijk signaal gegeven. Een klein jaar geleden ging, bij wijze van spreken, het filiaal van de toekomst open in Etterbeek, waar de diensten van Europcar, Ubeeqo, Scooty, enz. onder één dak werden gebracht. Wat zijn de eerste resultaten?

De traditionele business van Europcar houdt goed stand. We zitten op een boogscheut van de Europese wijk, dus qua ligging scoren we bijzonder goed. De klantentevredenheid is uitstekend. Voor het overige beschouwen we dit filiaal als een mini-laboratorium. We hebben bijvoorbeeld geëxperimenteerd met voertuigen zoals een Segway. We zullen ook in de toekomst nieuwe formules lanceren. We proberen bepaalde zaken uit, zonder een evenwichtige spreiding van onze activiteiten uit het oog te verliezen. Deze aanpak zal ons helpen om onze nieuwe mobiliteitsoplossingen te finetunen.

Deze nieuwe mobiliteit is dus geen doos van Pandora die iedereen probeert te openen, zonder echt te weten wat ze ermee moeten doen?

Europcar levert per definitie oplossingen op maat die op grote schaal kunnen uitgevoerd worden. Als een voertuig om de negen dagen van bestuurder verandert, is het evident dat dit gepaard gaat met een bepaalde logistieke opvolging in de backoffice. Onze positie als gevestigde waarde in de verhuurmarkt biedt ons de mogelijkheid om sterker voor de dag te komen bij de lancering van nieuwe oplossingen. Het beheer, het onderhoud en het verzekeren van een vloot maken namelijk nu al deel uit van onze kerntaken.

De Europcar Group heeft beslist om gebruik te maken van een Lab om via start-ups nieuwe mobiliteitsconcepten uit te proberen, zonder in het vaarwater van ons traditioneel businessmodel te komen. Momenteel is er niemand in staat om te voorspellen wie de spelers van morgen zullen zijn, maar niets doen is absoluut geen optie. In dit verband is dit Lab de ideale manier om de bocht te nemen richting nieuwe mobiliteit, maar dan wel op een subtiele manier.

Ik draag de pet “nieuwe mobiliteit” voor België. De projecten die we volgen zien er fantastisch uit. We komen vaak in contact met start-ups die ons ondersteuning komen vragen of die synergiën willen opbouwen. Zij zien Europcar als de ideale partner omdat we al zo lang meedraaien.

Hoe kan het autodelen-model rendabel gemaakt worden?

Autodelen zal rendabel worden als er een voldoende groot en kwaliteitsvol multimodaal aanbod is. Dit aanbod moet bovendien ondersteund worden door platforms die met elkaar communiceren en de verschillende oplossingen moeten samen en op hetzelfde moment ingezet worden. Een individuele aanbieder van autodelen in een bepaalde stad zal niet rendabel kunnen zijn als hij de horde naar de nieuwe mobiliteit nog niet heeft genomen. Daar waar het model wel rendabel is (en zo zijn er verschillende locaties), gaat het over steden die andere steden voor waren in hun overstap naar innovatieve mobiliteitsoplossingen. Het zijn steden die beschikken over een (goed beheerd) aanbod rond korte termijn verhuur, free floating of station based autodelen, fietsdelen, scooters, enz.

We moeten er ons bewust van zijn dat nieuwe mobiliteit pas een slaagkans heeft, als we tabula rasa maken met alle criteria die we jarenlang gewoon geweest zijn. Sinds ik mij met nieuwe mobiliteit bezig hou, heb ik de indruk dat ik een nieuw beroep moet aanleren, waar andere regels van toepassing zijn… Niemand kan beweren dat hij de mobiliteitsleverancier van morgen zal zijn. Er duiken geregeld nieuwe concurrenten op die – ondanks een totaal verschillende aanpak – de weg vrijmaken naar synergiën om de nieuwe mobiliteit samen op te bouwen. Momenteel zijn er evenveel uitdagingen als mobiliteitsactoren.

Bestaat de kans dat deze initiatieven de klassieke korte termijn verhuur zwaar onder druk gaan zetten?

Als ik op korte termijn een verplaatsing van een kwartuurtje moet doen, zal ik voor free floating kiezen. Als ik een auto nodig heb voor een half uur of enkel tijdens het weekend, dan zal een ‘station based’-oplossing de beste optie zijn voor mij. Als ik een aanloopwagen nodig heb of een voertuig om op vakantie te gaan, dan moet ik mij tot Europcar richten. De verschillende businessmodellen zullen elkaar dus niet doodknijpen, maar eerder aanvullen. Uiterst strakke behoeften op (zeer) korte termijn, kon ik tot voor kort niet invullen met Europcar.

En waarom geen autodelen-service aanbieden onder een merknaam met een reputatie zoals Europcar? De mensen hebben vaak schrik voor het onbekende… 

Momenteel is er nog geen enkele grote groep die zich aan deze stap heeft gewaagd… Ik zal u mijn persoonlijke mening geven. Ik zou zo’n nieuwe dienst of nieuw product liever uittesten zonder het kapitaal van een gerenommeerd merk aan te spreken. Dit kapitaal kan een bepaalde boost geven aan dit initiatief. Maar men riskeert ook om dit kapitaal in gevaar te brengen omdat men zich op onbekend terrein begeeft. Uiteindelijk moet men zich de vraag stellen of men meer te winnen of te verliezen heeft? Vanuit strategisch oogpunt vind ik het goed om nieuwe producten te lanceren onder een nieuwe benaming.

Wat is de link tussen Ubeeqo en Europcar in België?

Ondanks de synergiën tussen elkaar, blijven we twee aparte entiteiten. Alle nieuwe structuren die aan het oppervlak verschijnen, zorgen voor een extra digitaal pigment op de markt. Ze gaan gepaard met een zeer sexy “front end”: de reservatie gebeurt aan de hand van een app met plaatsbepaling en de bevestiging komt razendsnel… Wat men snel vergeet, is dat men met voertuigen te maken heeft. En dat is meestal een heel ander verhaal. De voertuigen moeten op regelmatige basis gecontroleerd worden, men moet snel kunnen ingrijpen als er een schadegeval is, enz. Dat is het grootste struikelblok voor de meeste zelfstandige start-ups.

Ubeeqo stelt een in company carsharing-oplossing voor. Hoe wordt dit onthaald op de Belgische markt?

In Frankrijk maakt de helft van de bedrijven uit de CAC40 gebruik van dit model. Maar Frankrijk is België niet. Bij ons zit B2B-carsharing nog in een embryonale fase. Om succes te hebben is er kritische massa nodig, met maatschappelijke zetels van enkele honderden personen. En een beperktere toegang tot bedrijfswagens. In ons land zijn er ongelooflijk veel triggers om voor een bedrijfswagen te kiezen. En dan heb ik het nog niet eens over de verschillende cafetariaplannen, die als paddenstoelen uit de grond schieten. Op die manier zal carsharing alle moeite ondervinden om door te breken.