Mobiliteitsbudget: welke amendementen werden ingediend?

Het mobiliteitsbudget slaagde voor zijn dubbele examen bij – in januari – de commissie Financiën en – deze week nog – bij die van Sociale Zaken van de Kamer. Dit is dan ook het moment om te kijken naar de vijf amendementen die werden ingediend bij het wetsontwerp voor zijn eindexamen, de plenaire vergadering in de kamer.

1. Degressieve CO2

Dit amendement werd al ingediend in de commissie Financiën van enkele weken terug. In het aanvankelijke wetsontwerp voorzag pijler 1 in het inruilen van de bedrijfswagen voor een meer ecologische wagen die minder dan 95 gram CO2 per kilometer uitstoot.

Een cijfer dat maar weinig wagens vandaag halen. Daarom werd verkozen om het plafond van 95 gram pas in te stellen op 1 januari 2021. In 2019 zal het plafond op 105 gram liggen, in 2020 wordt het al verlaagd naar 100 gram.

2. Pijler 3 beschouwd als verloning

Naast pijler 1 (properdere wagen) en pijler 2 (duurzame vervoersmodi), voorziet het wetsontwerp ook een derde pijler: de uitbetaling van het eventuele restbedrag van de mobiliteitsvergoeding in cash geld aan een (zwaar) belastingtarief van 38,07% om misbruik te ontraden.

In het wetsontwerp werd dit bedrag niet aanzien als loon. Ecolo-Groen vroeg om dit wel zo te doen “om het gelijkheidsbeginsel niet te schenden en de deur open te zetten voor een vernietiging van de wet door het Grondwettelijk Hof.”

Rechtvaardiging: “voor een vergoeding in natura, zoals een bedrijfswagen en duurzame vervoersmodi kan een andere fiscaliteit en parafiscaliteit nog gerechtvaardigd worden. Maar een vergoeding in geld moet als loon beschouwd worden.”

3. Niet voor de vergoeding van jaarlijkse vakantie-uitkeringen

De sociale zekerheid der werknemers omvat de hierna volgende takken:

1° de uitkeringen verschuldigd in uitvoering van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen;
2° de werkloosheidsuitkeringen;
3° de rust- en overlevingspensioenen;
4° de uitkeringen uit hoofde van arbeidsongevallen en beroepsziekten;
5° de geneeskundige verstrekkingen verschuldigd in uitvoering van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen;
6° de gezinsbijslag;
7° de jaarlijkse vakantie-uitkeringen.

CD&V-parlementslid Jef Van den Bergh liet echter het amendement goedkeuren dan die takken limiteert. Dus zal in de derde pijler (zoals eerder vermeld het eventuele cash uitbetaalde deel) niet gebruikt worden om de zevende tak te berekenen, met andere woorden het vakantiegeld.

4. Opvolging en evaluatie

Ook PS’er Ahmed Laaouej diende een amendement in: “om te beantwoorden aan de vraag van de sociale partners (met name de nationale arbeidsraad en de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven, nvdr.) voorziet het amendement een herintroductie van een bepaling die voorziet in een opvolging en evaluatie van het mobiliteitsbudget, het mechanisme cash for car en de bedrijfswagens.”

5. ‘Overdraagbaarheid’ van de mobiliteitsvergoeding

We vergeten het soms, maar de herziening van de mobiliteitsvergoeding (cash for car) gebeurde gelijktijdig met die van het mobiliteitsbudget.

Hier werd ook een amendement over gestemd in de commissie Financiën. De versie die nu in het Belgisch Staatsblad te lezen valt, voorziet in een overdraagbaarheid van de mobiliteitsvergoeding van de ene werkgever naar de andere. Dat wordt nu gewijzigd door een bepaling die de mobiliteitsvergoeding uitbreidt tot alle werknemers die in aanmerking komen voor een bedrijfswagen.

Schrijf u nu in op FLOW, de wekelijkse e-letter van FLEET.be!