VBO: “50 maatregelen om een mobiliteitsinfarct te vermijden”

(c) VBO/FEB
(c) VBO/FEB

Pieter Timmermans, Gedelegeerd Bestuurder van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO), had het tegen eind maart beloofd en hier is het al: het mobiliteitsplan met een VBO-sausje, 50 maatregelen sterk. Zonder twijfel zullen er minstens een paar ervan in goede aarde vallen bij bevoegd federaal Minister van Mobiliteit, Jacqueline Galant (MR). 

“We hebben deze voorstellen gebundeld na intens overleg met onze sectorfederaties”, becommentarieerde de ‘baas’ van de Belgische ‘bazen’. “De bedoeling is om het mobiliteitsinfarct te vermijden, wat nefast is voor alles en iedereen: burgers, werknemers, werkgevers, ons imago en voor de verschillende regeringen ins ons land.”

22 miljoen per dag

Dit plan start met een resem cijfers: “De files in ons land kosten 8 miljard euro per jaar, oftewel van 2% van het BBP (OESO). Daarnaast heeft het vervoer een aanzienlijke milieu-impact, aangezien het verantwoordelijk is voor 22% van de uitstoot van broeikasgassen en voor plaatselijke verontreinigde emissies die de luchtkwaliteit verslechteren. De dagelijkse files kosten ons land ook 22 miljoen euro per dag. Zo kost een truckchauffeur die één uur in de file staat zijn werkgever 75 euro.”

Drie pijlers

Het plan van het VBO berust op drie pijlers.

  1. Er moet werk gemaakt worden van het behoud en de verdere verbetering van onze verkeersinfrastructuren- en diensten.
  2. Bestaande verplaatsingsgewoonten moeten in vraag gesteld worden. “Kan het niet anders en beter?”
  3. Een interfederaal plan ontwikkelen, omdat mobiliteit een bevoegdheid is die verdeeld is over de federale overheid en de drie gewesten.

VBO werkte 50 maatregelen uit. Hieronder enkele voorbeelden.

1. Fiscale hefbomen

“Om beter na te denken over de manier waarop we ons verplaatsen, zou het beter zijn als de overheid de reële kosten voor het gebruik van de wagen verhaalt op de gebruiker (een ‘slimme’ kilometerheffing in alle voertuigen), in plaats van op het bezit ervan. Middelen die gegenereerd worden uit deze nieuwe vorm van fiscaliteit moeten dan wel geherinvesteerd worden in infrastructuur.”

2. Een efficiënter gebruik van het spoor

“De trein zou een betrouwbare partner moeten zijn in ons mobiliteitsverhaal. Wij stellen dan ook voor om het treinaanbod op te voeren op assen met grote verkeersstromen. In dit kader is het GEN dan ook cruciaal. De minder geëxploiteerde lijnen kunnen na een grondige studie eventueel plaats maken voor andere vervoersmodi, zoals bussen of via private spelers. Daarnaast willen we inzetten op een vereenvoudiging van de tarieven.”

3. Toegang tot de stad optimaliseren

“Aangezien het makkelijker is om s’ nachts leveringen te laden en te lossen, is een wettelijk kader hiervoor noodzakelijk. Dit moet uiteraard gepaard gaan met voldoende laad- en losplaatsen. We moeten ook de toegang tot de stad vergemakkelijken via een ‘comodaliteitsinfrastructuur’. Dit kunnen we doen door een kwaliteitsvolle service aan te bieden aan de rand van de stad via transitparkings, en dit te koppelen aan een aanbod van mobiliteitsdiensten (wagen- en fietsenparking, aanbod van openbare en private diensten, …).”

4. Inzetten op nieuwe technologieën

“Innovatie mag ons niet afremmen. Het biedt immers enorme opportuniteiten om de verkeersstromen beter te optimaliseren. Niet alleen een eenvoudige verkeerscode, maar de implementatie van nieuwe technologieën creëert heel wat kansen. We denken dan bijvoorbeeld aan stoplichten die zich aanpassen aan het verkeer of een moduleerbare maximumsnelheid voor wagens.”

5. Naar een nieuw arbeidsrecht

“Het mobiliteitsvraagstuk kan je ook perfect kaderen in het concept van ‘werkbaar en wendbaar werk’. Zo kunnen flexibele uurroosters, of een verschuiving in de tijd ervan het mogelijk maken om verplaatsingen tijdens de spitsuren te vermijden. Ook telewerk is een goede maatregel.”

6. Meer investeren

“Investeringen zullen nodig zijn, wat sommigen ook mogen beweren. Dit kan onder andere gebeuren door bestaande infrastructuurnetwerken slim aan te vullen (wegen, spoor- en waterwegen) daar waar er sprake is van enige missing links. Ook een plan voor de onderhoudswerken, en de opvolging ervan, is essentieel.”

7. Het mobiliteitsbudget

“Het mobiliteitsbudget kan door de werkgever aan zijn werknemer aangeboden worden om hem de keuze te bieden tussen verschillende mobiliteitsoplossingen. Het heeft als doel het woon-werktraject te optimaliseren, zonder de bedrijfswagen te verbannen. Meer flexibiliteit in de keuze van verschillende vervoersmodi komt tegemoet aan de verzuchtingen van zowel werkgevers als werknemers.”

8. Governance & Financing

“Er is al jaren sprake van een onderfinanciering voor infrastructuur. Naast de bestaande begrotingsmiddelen kan ook voor nieuwe financieringswijzen naar de privésector gekeken worden (PPP’s, tolheffing op geprivatiseerde baanvakken, …). Ook de hoger vermelde fiscale hefbomen moeten ten voordele van mobiliteitswerken ingezet worden.”

 

#Mobiliteit
Trending