RENTA : duurdere diesel gaat bedrijfswereld 200 miljoen kosten

benzinepompDat de toekomstige federale regering van plan is om de accijnzen op diesel te verhogen, dat lijkt steeds meer een zekerheid. En daar heeft de vereniging van leasemaatschappijen RENTA zo zijn bedenkingen bij. Zo blijkt althans uit een persbericht dat deze morgen de wereld werd ingestuurd.

“Nu de federale regeringsonderhandelingen in een beslissende fase geraken, wijzen de bedrijven die firmawagens inzetten op de gevolgen van een verhoging van de fiscale druk op de auto, zoals de voorgestelde accijnsverhoging op diesel. Een vermindering van de files of van de CO2-uitstoot door dit soort maatregelen is ijdele hoop gezien voor een groot deel van de actieve bevolking geen alternatief bestaat voor de auto. 80% van alle voertuigen die rijden bij professionele gebruikers (bedrijven en zelfstandigen) zijn dieselwagens. Het gaat over meer dan 900.000 wagens (op een totaal park van ruim 1.1 miljoen). Voor een voertuig dat 30.000 km per jaar aflegt, zou de jaarlijkse kostprijs met ongeveer 250 euro stijgen in geval van gelijkschakeling van de prijs tussen benzine en diesel. Voor alle dieselwagens in de professionele markt samen spreken we dus over ruim 200 miljoen aan extra kosten voor de bedrijven en zelfstandigen. Hoewel de keuze voor een dieselwagen voor een grote groep gebruikers nog steeds interessant zal blijven (ze verbruiken nl. nog 20 à 25 procent minder dan gelijkaardige benzinevoertuigen), zal er op termijn wellicht een verschuiving plaats vinden naar meer benzinewagens. Aangezien er onvoldoende stimuli zitten in de huidige fiscaliteit ter promotie van alternatieve energie (electriciteit, aardgas,…) is het trouwens weinig waarschijnlijk dat een stijging van de dieselprijs de verkoop van deze voertuigen sterk ten goede zal komen. Met meer benzinewagens op de weg zullen we globaal genomen ook naar een hogere CO2-uitstoot evolueren.

Mocht deze maatregel er plots komen, betreuren wij als verhuursector en als gebruikers van voertuigen voor professioneel gebruik dat zowel bedrijven, zelfstandigen als particulieren koud gepakt worden: degenen die volgens het aantal kilometers dat ze rijden vanaf dan beter af zouden zijn met een bezinewagen kunnen niet allemaal van vandaag op morgen een ander voertuig aanschaffen. Het financiëel verlies zou groot zijn (verbreken van huur- of financieringsovereenkomsten, minwaarde bij verkoop etc.). Bovendien zou de tweedehandsmarkt voor dieselwagens een ernstige klap kunnen krijgen door deze maatregel. Wij herinneren er u aan dat de implementatie van “Voordeel alle aard” niet vlekkeloos is verlopen, diverse aanpassingen heeft gekend, steeds met terugwerkende kracht werden toegepast. Naast de extra factuur voor eenieder waren er echter ook extra indirecte kosten voor bedrijven in volle crisisperiode.

Indien de onderhandelaars voet bij stuk houden, pleiten wij voor een geleidelijke invoering zodat iedereen grondig kan nagaan wat de kostprijsimpact van de maatregel is en zo nodig het wagenpark stap voor stap kan aanpassen. Let trouwens op dat dergelijke maatregel ook domino-effecten teweegbrengt: wat met de restwaarde van leasewagens in de lopende contracten? Welke nieuwe afzetmarkten moeten gezocht worden voor deze einde contractwagens? Is benzine vandaag nog effectief zoveel milieuvriendelijker dan diesel na alle aanpassingen aan de motoren de laatste jaren? Zal het veranderde aankoopvolume effect hebben op de prijszetting want de kostprijs voor alle technische verbeteringen op dieselmotoren zal op minder wagens verhaald kunnen worden.etc. Tot slot dient de overheid te beseffen dat het wijzigen van fiscale spelregels nogmaals de onzekerheid aanwakkert bij bedrijven en ondernemers. Het dient dan ook snel definitief duidelijk te worden of en hoe de maatregel ingevoerd wordt. Wie vandaag een keuze moet maken om een nieuw voertuig aan te schaffen, gaat zijn beslissing misschien uitstellen en dat is voor de automobielsector een slechte zaak.

Dat er inspanningen nodig zullen zijn is iedereen zich van bewust. Toch hadden wij graag vooraf de totale impact kunnen in kaart brengen in plaats van te moeten ondergaan in het verleden zonder dat er enig bewijs is dat het beoogde budgettaire resultaat werd behaald, wat trouwens zeer fel in twijfel wordt getrokken. Door transparant overleg kunnen wij helpen om de inspanningen correct en effectief te krijgen en niet dat de ene ingreep een belasting is om een andere lastenverlaging te financieren zodat de eindrekening voor de bedrijven gelijk is.”