Febiac : “De bedrijfswagen als drievoudige hefboom voor een lage emissiemobiliteit”

Voorafgaand aan de federale en regionale verkiezingen herhaalt de Belgische automobielindustrie (Febiac) zijn prioriteiten. En dit in zo breed mogelijk opzicht, van milieu over mobiliteit tot fiscaliteit.

De federatie herhaalt het nogmaals: het aantal bedrijfswagens ging met 100.000 eenheden de hoogte in (+1,7%) sinds de in functietreding van de huidige regering.

“DE motor van de overgang”

We kennen de polemiek die vandaag heerst rond de “salariswagen. Tegenstanders zien de “salariswagen” als een exces van de torenhoge loonkost, voorstanders beschouwen hem vooral als een praktisch (werk)instrument.

” Vast staat wel dat die bedrijfswagen moderner, schoner en zuiniger is dan een privéwagen alsook uitgerust met de nieuwste (veiligheids)technologie. Kan de bedrijfswagen dan niet uitgroeien tot hét vehikel om de transitie naar lage emissiemobiliteit te versnellen en zo de doelstellingen inzake klimaat en luchtkwaliteit te realiseren? “, vraagt Febiac zich af.

FEBIAC ziet in de bedrijfswagen drie aangrijpingspunten en opportuniteiten.

1. Oplaadbare hybrides (PHEV)

In zijn Memorandum ziet Febiac de bedrijfswagen als een drievoudige hefboom richting een mobiliteit met lage emissie.

De regering Michel stortte zich op de vraag van het opladen van herlaadbare hybride (plug-in) bedrijfswagens. De gebruiker zou hem haast nooit opladen en er dus amper elektrisch mee rijden, maar er enkel veel fiscaal voordeel uit halen. De federale regering reageerde door een wat ongelukkige uitzonderingsregeling uit te werken in de kostaftrek en voordelen alle aard, in een poging om de “valse” van de “echte” plugins te onderscheiden.

“Is dit niet vooral een vals debat?”, vraagt men zich bij Febiac af. “Want een opgeladen plug-in hybride kan écht wel tientallen kilometers elektrisch rijden – voldoende voor 80% van onze dagelijkse autotrips. Alles staat of valt met het laad- en rijgedrag van de plugin gebruiker.”

FEBIAC stelt voor om werkgevers de maximale kostenaftrek en werknemers het minimum voordeel van alle aard te geven voor de bewezen nulemissiekilometers. Er bestaan immers middelen om te controleren of deze voertuigen effectief opgeladen werden …

2. Het mobiliteitsbudget

De tweede weg legde de federale regering zelf aan: “ze ontwierp een mobiliteitsbudget waarmee de werknemer een mobiliteitsmenu voorgeschoteld krijgt waarbij de bedrijfswagen kan ingevuld worden met duurzame mobiliteitsoplossingen. De bedrijfswagen wordt aldus ingebed een ruimer geheel van mobiliteitsoplossingen.”

3. De rotatie van het park

De derde weg naar lage emissiemobiliteit is volgens Febiac te vinden in het gegeven dat een bedrijfswagen dubbel zo snel vervangen wordt als een privéwagen en dus ook sneller de nieuwste ontwikkelingen inzake alternatieve motorisaties en brandstoffen kan oppikken.

“Nieuwe technologie houdt per definitie meer risico’s in: extra kosten, onzekere restwaarde, levensduur, gebruiksgemak… allemaal factoren die een particulier kunnen weerhouden om de stap te zetten. Met een bedrijfswagen worden risico’s gedeeld tussen de werknemer en werkgever, en ligt de drempel naar lage emissievoertuigen een stuk lager .”

Schrijf u nu in op FLOW, de wekelijkse e-letter van FLEET.be!